Familie Eenigenburg

In 1849 besloten Gerrit en Jannetje Eenigenburg samen met hun vier kinderen naar Amerika te emigreren. Zij waren zogenoemde separatisten. Zij hingen een andere interpretatie van de Bijbel aan en werden daarom verketterd.

De reis met de 'Massachussets of Boston’, waarvan een replica in het museum wordt tentoongesteld, was zwaar. Het echtpaar Eenigenburg verloor drie kinderen voordat ze in het beloofde land voet aan wal zetten. De familie bouwde een bestaan op dat zich tot over de huidige generatie uitstrekt. Het geslacht Eenigenburg (in de USA) was nauw betrokken bij het opstellen van een waarheidsgetrouw relaas.

De emigranten

In de lente van 1849 vertrekt een hechte groep emigranten uit de streek rond Eenigenburg naar Amerika: 15 mannen, 11 vrouwen en 37 kinderen. De meesten zijn verwant en sommige families omvatten drie generaties. Gedurende de tragische overtocht komen 17 personen om als gevolg van de Aziatische cholera. De overlevenden, elf families en twee jonge mannen, zijn de eerste kolonisten van het de High Prairie, het gebied van Chicago dat later als Roseland bekend wordt.

Hoe waren de families verwant?

Broers en zusters:

  • Gerrit Eenigenburg, Hark Eenigenburg en Geertje (Eenigenburg) de Jong
  • Jannetje (Ton) Eenigenburg en Jan Ton
  • Pieter en Jakob de Jong
  • Trijntje (Dalenberg) de Jong, Maartje (Dalenberg) Kuyper, Klaas Dalenberg en Pieter Dalenberg

Andere relaties:

  • Cornelius Dalenberg was weduwnaar en vader van bovengenoemde vier Dalenbergs
  • Cornelis Hoogendonk was weduwnaar en vader van Trijntje (Hoogendonk) Dalenberg
  • Johannes Ambuul huwde Neeltje, dochter van Pieter Oudendijk, na het verlies van zijn eerste vrouw bij de overtocht
  • Jan, Ton en Pieter Dalenberg huwden de Van der Sijde zusters, Aagje en Lina (2de generatie)

De 19 overledenen tijdens de overtocht

Twaalf kinderen:

  • 3 kinderen van Gerrit & Jannetje Eenigenburg
  • 3 kinderen van Jakob & Geertje De Jong
  • 4 kinderen van Cornelis & Maartje Kuyper
  • 1 kind van Johannes & Aaltje Ambuul
  • 2 kinderen vanKlaas & Cornelia Dalenberg
  • 1 kind van Jan & Pieterje Jonker

Vijf volwassenen:

  • Aaltje Ambuul
  • Cornelis Dalenberg
  • Trijntje Dalenberg
  • Cornelis Hoogendunk
  • Pieter Oudendijk

Hoe de namen veranderen in Amerika
Toen de Nederlandse emigranten zich vestigden de hun nieuwe omgeving, begon het proces van veramerikanisering. Dit is het duidelijkst bij de namen. Van der Sijde werd Vandersyde. Kuijper werd Kuyper. Jannetje werd Jane. Jan werd John. Neeltje werd Nellie enz. Één tak van de familie Eenigenburg veranderde zelfs in Enigenburg. Vandaag de dag is de spelling van Nederlandse achternamen in Amerika inconsistent.

Familie Eenigenburg in Amerika

De reis is tragisch en moeilijk, maar uiteindelijk bereiken de emigranten de High Prairie in Illinois, USA. Zij zijn de eersten die zich vestigden in een gebied dat later een belangrijk deel zal worden van de stad Chicago. High Prairie wordt later Roseland genoemd. Roseland is gedurende meer dan een eeuw de belangrijkste Nederlandse kolonie in de omgeving van Chicago.

De eerste kolonisten

"Het is jammer dat de volgende generatie zo weinig zal weten van de inspanningen, moed en energie van hun ouders en voorvaders om dit gebied van natuurlijke wildernis te beschaven naar gehuchten en bloeiende steden.
Uit: "Het Calumet Gebied en zijn Eerste Kolonisten”, Harry Eenigenburg (1935)

De huizen van de eerste kolonisten zijn zeer eenvoudig aangezien alle bezittingen voorafgaand aan de emigratie zijn verkocht. De huizen zijn klein met schamel meubilair, de straten modderig.

Michigan Avenue, het hart van de kolonie, werd later het voornaamste commerciële centrum van Roseland. Destijds ook wel Oude Indianenpad, Nederlandse Koloniestraat, en Thornton-Chicagostraat genoemd. Tot 1880 waren Michigan Avenue en drie dwarsstraten de enige straten.

Landbouw, handel en groei

"De pioniers werden omringd door duizenden acres open prairie die ze als weiland gebruikten en om er kosteloos hooi van te maken ... velen waren voorbereid op zuivelproductie."
Uit: “Het Calumet Gebied en zijn Eerste Kolonisten”, Harry Eenigenburg (1935)

Landbouw en veehandel vormen de oorspronkelijke beroepen van de kolonisten. Het leven is zwaar en de reis naar de markt in Chicago vergt meer dan 24 uur. Aardappels, graan, kool, bloemkool, wortelen en bieten zijn de voornaamste producten. Het gebied wordt later bekend om zijn uienzaaigoed.

De ondernemingen beginnen te bloeien. De handel begint in 1849 met het openen van een bescheiden opslag van Cornelis Kuyper aan de voorzijde van zijn huis.

Terwijl groente- en veehandel in het levensonderhoud voorziet, betekent de bouw van de spoorweg meer werkgelegenheid en verbinding met de buitenwereld. Uitbreiding en de vraag naar land creëren veel rijkdom. De Burgeroorlog begint in 1860. De steun aan President Lincoln is groot en velen uit dit gebied gaan in dienst, zo ook Hark Eenigenburg, de zoon van Pieter. Voorstanders van de afschaffing der slavernij, Cornelis Kuyper en Jan Ton helpen slaven ontsnappen via de ondergrondse spoorweg.

Het tijdperk van verandering

"De huizen kwamen als  paddestoelen uit de grond, en de groei hield verscheidene jaren aan. De pionier van 1849 werd slapende rijk ."
Uit: "Het Calumet Gebied en zijn eerste Kolonisten”, Harry Eenigenburg (1935)

Op het moment dat George Pullman in 1880 de Pullman Palace Car Company in de buurt vestigt, floreert Roseland. Ontwikkelaars kopen landbouwers uit voor maximaal $ 500 per acre.
Het nieuws van de welvaart bereikt Nederland tijdens een landbouwrecessie. Het resultaat is een toevloed van Friezen. Met moeite kunnen zij het dure land van Roseland verwerven.

De Pullman Car Company verandert ook de etniciteit in het gebied. De omvang en uitstraling van het bedrijf brengen Roseland tot een tijdperk van modernisering.

Rond 1880 beginnen de landbouwbedrijven te verdwijnen van de Michigan Avenue. Diverse ondernemingen vinden hier een toplocatie. In 1889 wordt Roseland ingelijfd bij Chicago.

Tussen 1880 en 1890 worden meer dan 1500 wooneenheden gebouwd. De landbouwers vonden huur innen winstgevender dan de seizoensgebonden landbouw. Pioniers Jan Ton en Jakob Kuyper werden huisbazen.

Kerken en scholen

"Waar twee of drie Hollanders bijeen komen, moeten we dan niet besluiten om een tweede of derde kerk te beginnen?”
Uit: “Down an Indian Trail in 1849”, Marie K. Rowlands

Godsdienst is zeer belangrijk voor de kolonisten. Hoewel, het veroorzaakt talrijke afsplitsingen door de groei, de taalproblemen en de theologische verschillen. Aan het begin van 1900 zijn er acht Nederlandse congregaties, Hervormd en Christelijk Hervormd.
De eerste kolonisten zijn protestants, maar rond 1935 zijn er 35 kerken in Roseland: onder meer Doopsgezind, Katholiek, Anglicaans, Luthers, Methodistisch en Presbyteriaans.

Zowel de openbare als de parochiale scholen in Roseland kennen een uiterst eenvoudig begin. Zelfs het schoolsysteem getuigt van de godsdienstige overtuigingen van de kolonisten.

De tweede generatie

De basis van het leven in de eerste nederzetting  is de familie. De families worden groter en de gemeenschap bloeit. Op de foto’s zijn vele familieleden van tweede generatie Eenigenburg, zo ook vier kinderen van Gerrit en Jannetje Eenigenburg - George, Harry, John & Mary - en hun families. Twee van hun andere kinderen (Trijntje en Sarah) zijn ook volwassen geworden, maar drie zijn tijdens de overtocht in 1849 omgekomen. Nakomelingen van enkele andere migrantenfamilies komen hier ook voor.

Van alles de eerste

"Kleine eikels groeien uit tot kolossale eiken“.

Michigan Avenue in Roseland groeide uit en werd het derde grootste commerciële district van Chicago. In 1935 schrijft Harry Eenigenburg in "The Calumet Region and its Early Settlers" dat Roseland 35 kerken, 16 scholen, 2 banken, 2 parken, 2 ziekenhuizen, 3 theaters en ongeveer 700 winkels omvat. De industrie bestaat dan reeds uit het bedrijf Pullman, de Amerikaanse metaalgieterij van remblokken, Amerikaans staal, Chicago smeedbaar staalmaatschappij, Internationale Oogstmachines, Ingersoll Staal, Sherwin Williams, en meer.
Alles is 'voor het eerst' in 1849, maar hier zijn nog een aantal opmerkelijke 'eersten'.

Eerste geboorte
Op 10 augustus 1849 werd de eerste baby geboren in een schuur. Jakob en Geertje De Jong noemde hun zoon Joris (vernoemd naar Joris die tijdens de overtocht was gestorven).

Eerste huwelijken
De eerste huwelijksceremonie in de kolonie was die van Pieter Dalenberg en Lina Van der Sijde in 1852, maar Klaas Dalenberg trouwde Cornelia Gouwans in Low Prairie in 1850.

Eerste doop
Op 10 september 1851 werden verscheidene baby’s, die in de kolonie waren geboren, gedoopt.

Eerste sterfgeval
Tennis Maat in 1852.

Vroege documenten

De High Prairie begint bescheiden, maar in de loop der jaren wordt Roseland een bloeiende metropolis. De bewaard gebleven documenten vertellen maar aan klein deel van het verhaal. Veel originele documenten worden in diverse archieven in de VS bewaard, zoals in het A. C. Van Raalte Instituut in Holland, Michigan. Dit zijn veelal de naturalisatiedocumenten, schoolverslagen, handgeschreven ontvangstbewijzen en dagelijkse verslagen uit Cornelis Kuypers winkel.

De familie nu

In 1849 emigreren drie families Eenigenburg naar Amerika. Inmiddels zijn er meer dan 2500 nakomelingen voortgekomen uit Gerrit Eenigenburg & Jannetje Ton, Jakob De Jong & Geertje Eenigenburg en Hark Eenigenburg & Aaltje den Toom.

In Nederland komt de familienaam niet meer voor. Veel familieleden wonen nog dicht bij Chicago, maar de Eenigenburgs wonen inmiddels verspreid over heel Amerika.

Er is nog steeds een band tussen het dorp Eenigenburg en de familie Eenigenburg. De banden zijn de laatste jaren versterkt. Leden van de familie waren bij de viering van het 700-jarig bestaan van Eenigenburg in 1989 en bij de opening van het Museum Eenigenburg. In de loop van de jaren hebben andere familieleden een bezoek gebracht. Een delegatie van het dorp heeft in 1999 de familie Eenigenburg Reunië in Chicago bijgewoond. De wereld is kleiner dan een paar eeuwen geleden, toen de familie vertrok uit Eenigenburg.